Kenniswiki · Taal en betekenis
Deixis: verwijzen vanuit de situatie van spreken
Woorden als ik, hier en nu krijgen hun concrete verwijzing vanuit de situatie waarin zij worden gebruikt.
Deixis betekent dat sommige woorden pas duidelijk worden wanneer je weet wie ze gebruikt, waar en wanneer. Bij woorden als ik, jij, hier en nu hoort de situatie bij wat je moet weten om de uitspraak te begrijpen.
Wie spreekt, waar en wanneer
Ik verwijst naar degene die spreekt. Wanneer iemand anders het woord gebruikt, verwijst het naar die andere persoon. Het woord blijft hetzelfde, maar de persoon verandert.
Dat geldt ook voor plaats en tijd. Wie hier zegt, bedoelt een plaats die vanuit de situatie duidelijk moet worden. Wie morgen schrijft, bedoelt de dag na het schrijven van het bericht. Zonder de datum weet de lezer niet zeker welke dag dat is.
Bij dit of die helpt vaak een gebaar of iets waar de betrokkenen samen naar kijken. Wie het gebaar niet ziet, kan de woorden horen en toch niet weten wat ermee wordt aangewezen.
Wie hoort bij ‘wij’?
Met wij kan iemand de aanwezigen bedoelen, een team of een hele organisatie. Uit het woord alleen kun je niet afleiden wie er precies bij hoort. Dat moet blijken uit het gesprek.
In een gesprek over een besluit kan dat verschil veel uitmaken. Wanneer iemand zegt dat wij iets hebben besloten, blijft van belang wie aan het besluit heeft deelgenomen. Dat iemand namens een groep spreekt, maakt bovendien nog niet duidelijk of die persoon daarvoor bevoegd is.
Begrijpen waarnaar iemand verwijst
Bij deixis hangt het begrijpen van een woord af van de situatie. Een woord als ik krijgt geen nieuwe betekenis zodra iemand anders het zegt; je moet weten wie spreekt om te weten over wie het gaat.
Wanneer een verwijzing onduidelijk blijft, helpt het om de bedoelde persoon, plaats of tijd te benoemen. Daardoor kunnen gesprekspartners nagaan of zij over hetzelfde spreken.
Een taalkundige omschrijving van het begrip staat in de begrippenlijst van SIL.
