Inleiding · Facilitators
Inleiding: vier manieren van gelijk hebben
Voor bemiddelaars en vertrouwenspersonen: waarom partijen op verschillende manieren gelijk hebben en hoe je vier registers leert onderscheiden.
Leestijd ± 2 minHet kwadrantenmodel — basis
InleidingAlle lessen van deze cursus
- 00Inleiding: vier manieren van gelijk hebben
- 01Elke uitspraak heeft twee lagen
- 02Vier registers — vier manieren van gelijk hebben
- 03Wanneer iemand van register wisselt
- 04Herkennen en interveniëren in de praktijk
Wat je leert
- Je herkent dat mensen in een conflict op verschillende manieren "gelijk" kunnen hebben — en dat die manieren niet altijd met elkaar te verzoenen zijn.
- Je kan vier registers onderscheiden van waaruit iemand spreekt en beweert dat iets "waar" is.
- Je begrijpt waarom een gesprek escaleert wanneer iemand — bewust of onbewust — van register wisselt.
- Je kan in je eigen praktijk herkennen welk register actief is, en daar je interventie op afstemmen.
Voor wie Bemiddelaars, vertrouwenspersonen, preventieadviseurs psychosociale aspecten
Waarover gaat deze e-learning?
Als bemiddelaar, vertrouwenspersoon of preventieadviseur sta je regelmatig tegenover mensen die allebei overtuigd zijn dat ze gelijk hebben — en die allebei een punt hebben. Niet omdat ze koppig zijn. Niet omdat ze niet willen luisteren. Maar omdat ze vanuit een ander register spreken: een andere manier om te beweren dat iets waar, geldig of terecht is.
De ene partij beroept zich op feiten en logica. De andere op normen en principes. Weer een andere op gevoel en context. En een vierde op resultaten en haalbaarheid. Elk van die vier registers heeft zijn eigen taal, zijn eigen bewijstype en zijn eigen valkuil. En het probleem begint niet wanneer iemand "fout" zit — maar wanneer twee partijen in verschillende registers spreken zonder het te merken.
Het kwadrantenmodel dat je in deze e-learning leert kennen, geeft je een manier om dat te herkennen. Het helpt je om in een gesprek te horen vanuit welk register iemand spreekt — en om je interventie daarop af te stemmen.
Hoe is deze e-learning opgebouwd?
De e-learning bestaat uit vier modules die op elkaar voortbouwen:
- Elke uitspraak heeft twee lagen — Je leert twee fundamentele onderscheidingen die samen het kwadrantenmodel vormen: het verschil tussen spreken over iets en spreken van iets, en het verschil tussen geldigheid via principes en geldigheid via waarneming.
- Vier registers — vier manieren van gelijk hebben — Je leert elk register kennen: de typische taal, het bewijstype, het risico bij verabsolutering, en een interventievraag die je als professional kan inzetten.
- Wanneer iemand van register wisselt — Je leert drie patronen van escalatie herkennen die ontstaan wanneer gesprekspartners van register wisselen: opstapeling, springen en vermenging.
- Herkennen en interveniëren in de praktijk — Je leert je eigen voorkeursregister kennen, oefent met vier typische situaties, en begrijpt de-escalatie als het bewust terugkeren naar een register waarin correctie weer mogelijk is.
Elke module bevat voorbeelden uit de bemiddelings- en vertrouwenspraktijk en sluit af met reflectievragen.
