Inleiding · Betrokkenen
Inleiding: vier manieren van gelijk hebben
Waarom conflicten escaleren wanneer mensen op verschillende manieren gelijk willen hebben, en hoe deze korte reeks in vier modules is opgebouwd.
Leestijd ± 3 minHet discursief kwadrantenmodel — basis
InleidingAlle lessen van deze cursus
- 00Inleiding: vier manieren van gelijk hebben
- 01Elke uitspraak heeft twee kanten
- 02Vier manieren van gelijk hebben
- 03Wanneer het gesprek kantelt
- 04Wat je zelf kan doen
Wat je leert
- Je weet waarover deze e-learning gaat en wat je ervan kan verwachten.
- Je begrijpt dat conflicten vaak escaleren doordat mensen op verschillende manieren "gelijk" proberen te hebben.
- Je kent de opbouw van de vier modules.
Voor wie Iedereen die in een conflict zit of er net een achter de rug heeft
Waarover gaat deze e-learning?
Je zit in een conflict. Of je hebt er net een achter de rug. En misschien heb je het gevoel dat de ander je niet begrijpt — of dat je zelf niet begrepen wordt, hoe goed je het ook probeert uit te leggen.
Dat is frustrerend. Maar het is niet vreemd.
Want heel vaak zit het probleem niet in wat er gezegd wordt, maar in hoe het gezegd wordt — en vooral: in het feit dat jij en de ander op een andere manier proberen gelijk te hebben. Jullie gebruiken dezelfde woorden, maar bedoelen er iets anders mee. Dat verschil merk je pas als het te laat is: het gesprek loopt vast, de stemmen gaan omhoog, en achteraf denk je: hoe is dit zo geëscaleerd?
Het kwadrantenmodel helpt je om dat beter te begrijpen. Niet vanuit een theorie, maar vanuit je eigen ervaring. Het laat je zien dat er vier manieren zijn waarop mensen "gelijk hebben" — en dat conflicten vaak ontstaan doordat twee mensen allebei gelijk hebben, maar op een andere manier.
Wat leer je hier?
Deze e-learning bestaat uit vier korte modules. Na afloop:
- Begrijp je waarom gesprekken escaleren — ook als niemand iets fout doet.
- Herken je vier manieren waarop jij (en de ander) "gelijk" proberen te hebben.
- Snap je wat er gebeurt als iemand van de ene manier naar de andere springt.
- Weet je hoe je het gesprek weer vlot kunt trekken als het vastloopt.
Hoe is het opgebouwd?
De vier modules bouwen op elkaar voort:
- Elke uitspraak heeft twee kanten — Je leert dat achter elke zin twee dingen schuilgaan: waarover het gaat, en hoe je beweert dat het klopt.
- Vier manieren van gelijk hebben — Je leert de vier registers kennen: vier manieren waarop mensen beweren dat iets "waar" is. Met voorbeelden die je waarschijnlijk herkent.
- Wanneer het gesprek kantelt — Je leert herkennen wat er gebeurt als iemand (of jijzelf) van register wisselt. Dat is vaak het moment waarop een gesprek vastloopt.
- Wat je zelf kan doen — Je leert hoe je het gesprek weer open kan trekken, ook als het al behoorlijk vastzit.
Elke module duurt 15 tot 20 minuten en bevat herkenbare voorbeelden en vragen om even bij stil te staan.
