Gewelddadige vrede
In de internationale orde is geweld niet alleen zichtbaar is in oorlogen, conflicten en repressie, maar ook in de structuren van wat we gewoonlijk “vrede” noemen. Waar klassieke benaderingen in de internationale betrekkingen geweld opdelen in twee categorieën - direct geweld, zoals doden, verwonden of vernietiging, en structureel geweld, zoals armoede, ongelijkheid of politieke uitsluiting - voegen de auteurs een derde vorm toe: pacificatie.
“Liberal Pacification and the Phenomenology of Violence” - 2019 - Ilan Zvi Baron, Jonathan Havercroft, Isaac Kamola, Jonneke Koomen, Justin Murphy en Alex Prichard.
Pacificatie is geen openlijke agressie, maar een subtiele en alomtegenwoordige manier waarop orde wordt opgelegd en verzet wordt geneutraliseerd. Ze manifesteert zich niet in kogels of bombardementen, maar in beleid, instituties, en normen die bepalen wie mag spreken, wie mag bestaan en onder welke voorwaarden. Vanuit dit perspectief is geweld niet enkel een afwijking van vrede, maar een constitutief element van de politieke orde zelf.
De auteurs benaderen dit fenomeen fenomenologisch: geweld is geen afzonderlijke gebeurtenis, maar een wijze waarop de wereld voor ons verschijnt en wordt georganiseerd. Het vormt onze perceptie van normaliteit en beïnvloedt hoe wij relaties, recht, vrijheid en veiligheid beleven. Deze benadering maakt zichtbaar dat ook de zogenaamde liberale vrede - het ideaal dat democratie, vrijhandel en internationale samenwerking tot vrede leiden - een eigen vorm van geweld in zich draagt.
Om dat te verduidelijken plaatsen de auteurs hun analyse in een historisch kader. Ze verwijzen naar de Pax Romana, waarin vrede betekende dat verzet militair werd onderdrukt en een politieke orde werd opgelegd. In de moderne tijd krijgt dat een nieuwe gedaante in de Pax Americana: een wereldorde waarin direct geweld afneemt, maar waarin economische, culturele en technologische systemen de voorwaarden van het bestaan bepalen. Wat naar buiten toe vreedzaam lijkt, blijkt bij nader inzien een complex mechanisme van normalisering en beheersing.
De auteurs bekritiseren daarmee het liberale vredesdiscours, dat vrede gelijkstelt met de afwezigheid van direct geweld. Hoewel democratie en handel inderdaad kunnen bijdragen tot stabiliteit, verdoezelen ze de onderliggende processen van uitsluiting, surveillance, economische afhankelijkheid en symbolische dominantie. In die zin is de liberale wereldorde niet zozeer een post-gewelddadige samenleving, maar een getransformeerde geweldsorde, waarin geweld minder zichtbaar maar dieper ingebed is in de sociale en institutionele weefsels die ons leven bepalen.
De centrale stelling van het artikel luidt dat de zogenaamde “liberale vrede” beter begrepen kan worden als liberale pacificatie - een proces waarbij geweld niet verdwijnt, maar van vorm verandert. Het wordt getemd, verspreid en geïnternaliseerd in de mechanismen van bestuur, recht, markt en moraal. Wat als vooruitgang wordt gepresenteerd, is in wezen een verschuiving van geweld van de uiterlijke naar de innerlijke sfeer van het maatschappelijke leven.
In die zin biedt de fenomenologische blik van de auteurs een radicale herdefiniëring van wat vrede betekent. Zij nodigt uit om vrede niet langer te begrijpen als de afwezigheid van geweld, maar als een specifieke manier waarop geweld zich stabiliseert in de orde van het alledaagse.



